Dossier Samenwerken en Fusies

3. Trekken we samen aan hetzelfde touw, of hangen we in elkaars knopen?

Losse uiteinden van verschillende touwen als metafoor voor vertrekpunt bij samenwerking of fusie

Van buitenaf lijkt samenwerking vaak logisch. De ambitie is helder, de afspraken zijn gemaakt, het verhaal klopt. Maar onder de oppervlakte kan iets heel anders gebeuren. Dan trekken organisaties niet samen op, maar raken ze verstrikt in elkaars tempo, taal, belangen en gewoontes. De vraag is dus niet alleen óf je samenwerkt, maar hoe.

Samenwerking ziet er aan de buitenkant vaak beter uit dan ze vanbinnen voelt.

De intentie is goed.
De afspraken zijn gemaakt.
De overlegstructuur staat.
Er is een gezamenlijk verhaal.
Misschien zelfs een projectnaam, een stuurgroep en een mooie presentatie waarin de bedoeling helder wordt uitgelegd.

En toch kan het intussen al knellen.

Niet omdat mensen tegen samenwerking zijn.
Wel omdat er iets anders gebeurt dan op papier zichtbaar is.

Dan trekken organisaties niet samen aan hetzelfde touw.
Dan raken ze langzaam verstrikt in elkaars logica.

De ene partij beweegt sneller dan de andere.
De ene cultuur neemt vanzelf meer ruimte in.
De ene manier van besluiten wordt ongemerkt de norm.
De ene taal klinkt professioneler dan de andere.
De ene geschiedenis telt zwaarder mee dan de andere.

En voor je het weet, is er formeel veel samenwerking, maar in de praktijk vooral veel gedoe dat niemand helemaal goed kan aanwijzen.

Dan hangt er van alles aan elkaar.
Maar beweegt het nog nauwelijks samen.

Verstrikking ziet er zelden spectaculair uit

Dat is precies waarom ze vaak te laat wordt gezien.

Er is meestal geen groot conflict.
Geen explosie.
Geen openlijke breuk.

Veel vaker ontstaat verstrikking in kleine verschuivingen.

  • Mensen gaan om elkaar heen werken.
  • Overleggen worden voller, maar minder helder.
  • Besluiten worden genomen, maar landen niet echt.
  • Niemand zegt dat het fout gaat, maar iedereen voelt dat het zwaarder wordt.
  • Er wordt meer afgestemd, maar minder uitgesproken.
  • Meer rekening gehouden, maar minder werkelijk verbonden.

Dat is het verraderlijke aan knopen.

Ze ontstaan niet altijd door open strijd.
Ze ontstaan ook door uitstel, voorzichtigheid, diplomatie en het vermijden van het echte gesprek.

Aan de buitenkant ziet dat er vaak netjes uit.
Vanbinnen kost het steeds meer kracht.

Niet elke samenwerking die er netjes uitziet, beweegt ook echt samen.

Waar knopen meestal ontstaan

Niet in de structuur alleen.
Maar tussen mensen.

Knopen ontstaan waar verschil niet helder wordt gemaakt. Waar verwachtingen door elkaar gaan lopen. Waar loyaliteiten botsen zonder dat iemand ze benoemt. Waar belangen niet open op tafel komen. Waar tempo’s uit elkaar liggen en de snelste partij automatisch leidend wordt.

Ze ontstaan ook waar taal iets anders betekent dan ze lijkt te zeggen.

  • Afstemmen” kan voor de één betekenen: samen onderzoeken. Voor de ander: akkoord geven en door.
  • Ruimte laten” kan voor de één voelen als vertrouwen. Voor de ander als onduidelijkheid.
  • Zakelijk blijven” kan voor de één professioneel zijn. Voor de ander afstandelijk of ontwijkend.

Dat zijn geen details.
Dat zijn precies de plekken waar samenwerking vast kan draaien.

Want zodra woorden hetzelfde lijken maar anders worden beleefd, ontstaat er misverstand met een nette buitenkant. En zodra misverstand zich blijft ophopen, krijg je geen stevige bundel meer, maar een steeds strakker trekkende knoop.

Veel samenwerkingen stranden niet op onwil, maar op onduidelijkheid

Dat maakt het lastig.

Als mensen slechte bedoelingen hadden, was het eenvoudiger. Dan wist je tenminste waar het probleem zat. Maar in de meeste samenwerkingen werken mensen hard, denken ze constructief mee en proberen ze echt iets op te bouwen.

Alleen: goede wil is niet genoeg.

Je kunt loyaal zijn en toch verwarring vergroten.
Je kunt professioneel zijn en toch de ander overvleugelen.
Je kunt zorgvuldig willen samenwerken en toch precies datgene doen waardoor de relatie stroever wordt.

Niet omdat iemand fout zit.
Wel omdat er te weinig zicht is op wat er onder de samenwerking gebeurt.

  • Wie beweegt hier eigenlijk mee?
  • Wie bepaalt ongemerkt de toon?
  • Waar wordt verschil nog verdragen, en waar niet meer?
  • Welke loyaliteiten spreken mee aan tafel, ook als niemand ze benoemt?
  • En waar wordt samenwerking vooral in stand gehouden door beleefdheid?

Dat zijn ongemakkelijke vragen.
Maar zonder die vragen blijven de knopen zitten waar ze zitten.

Je kunt formeel veel afstemmen en toch steeds minder werkelijk verbonden raken.

Hoe knopen zich laten zien in gedrag

Knopen zijn zelden abstract.
Je ziet ze terug in heel concreet gedrag.

Mensen herhalen hetzelfde punt steeds opnieuw, omdat ze voelen dat het niet echt gehoord wordt.

  • Er komt meer behoefte aan controle.
  • Meer cc’s in mails.
  • Meer voorbereiding buiten de officiële overleggen om.
  • Meer voorzichtigheid in wat wel en niet hardop gezegd wordt.
  • Meer diplomatie, maar minder eerlijkheid.
  • Meer energie op het managen van de relatie, minder op het werk zelf.

Soms zie je ook het tegenovergestelde.

Dan worden mensen stelliger. Korter. Meer territoriaal. Ze bewaken hun eigen stuk harder, omdat ze voelen dat het anders oplost in het geheel.

Beide reacties horen bij hetzelfde verschijnsel: de samenwerking voelt niet meer helder genoeg om ontspannen in te staan.

En zodra dat gebeurt, verschuift de aandacht.

  • Dan gaat het niet meer vooral over de opgave.
  • Dan gaat het over positie. Invloed. Veiligheid. Behoud.
  • Over waar je nog grip op hebt en waar niet meer.

Dat is het moment waarop veel samenwerkingen wel blijven doorlopen, maar innerlijk al zijn vastgelopen.

Losse uiteinden van verschillende touwen als metafoor voor vertrekpunt bij samenwerking of fusie

Soms trek je niet samen, maar in tegengestelde richtingen

Dat hoeft niemand expres te doen.

Het kan zelfs gebeuren terwijl iedereen oprecht zegt voor hetzelfde doel te gaan.

Maar doelen zijn niet genoeg.

De vraag is ook:

  • Wat verstaat ieder van ons onder die richting?
  • Wat mag onderweg behouden blijven?
  • Wat moet er wijken?
  • Wie mag het tempo bepalen?
  • Wie bepaalt wanneer iets “goed genoeg” op elkaar afgestemd is?

Als die vragen te lang impliciet blijven, ontstaat er schijnbare eensgezindheid. En schijnbare eensgezindheid is gevaarlijker dan open verschil. Want open verschil kun je bespreken. Schijnbare eensgezindheid trekt de knoop alleen maar strakker aan.

Dan zeggen mensen nog wel dat ze samen optrekken, maar in de praktijk compenseren ze vooral elkaars beweging. De één duwt vooruit, de ander remt af. De één praat over kansen, de ander probeert schade te beperken. De één noemt het samenwerking, de ander ervaart vooral verlies van ruimte.

Dat is geen gedeelde trek.
Dat is spanning zonder gemeenschappelijke richting.

Wat hier nodig is, is niet méér afstemming

Dat denken organisaties vaak wel.

Nog een overleg.
Nog een werkgroep.
Nog een notitie.
Nog een gezamenlijke afspraak over rollen, processen of communicatielijnen.

Soms helpt dat.
Maar vaak ook niet.

Want wanneer de knoop relationeel is, los je hem niet op met alleen meer structuur.

Dan helpt het meer om stil te staan bij wat er werkelijk speelt.

  • Wat wordt hier ingehouden?
  • Waar doen we alsof we elkaar begrijpen terwijl dat niet zo is?
  • Welke irritatie is te beleefd geworden om nog benoemd te worden?
  • Waar wordt verschil niet meer onderzocht, maar alleen nog gemanaged?
  • En wie durft nog hardop te zeggen dat de samenwerking misschien minder gezamenlijk voelt dan ze klinkt?

Dat zijn geen luxevragen.
Dat zijn onderhoudsvragen voor serieuze samenwerking.

Wie die vragen overslaat, trekt vaak verder aan een touw waar al meerdere knopen in zitten.

Soms lijkt het alsof iedereen aan hetzelfde touw trekt, terwijl je in werkelijkheid vooral in elkaars knopen hangt.

Echte samenwerking vraagt niet dat er geen knopen zijn

Dat zou naïef zijn.

Waar mensen, teams en organisaties samenkomen, ontstaan altijd spanningen. Altijd verschil. Altijd momenten waarop logica’s botsen en verwachtingen door elkaar lopen. Dat is niet vreemd. Dat is normaal.

De vraag is dus niet hoe je samenwerking volledig knoopvrij maakt.

De echte vraag is: zie je op tijd waar de knopen ontstaan?
Durf je ze te benoemen voordat ze verharden?
En blijf je kijken naar gedrag, taal, macht, tempo en loyaliteit, ook wanneer het gesprek daardoor minder comfortabel wordt?

Dat vraagt moed.
En volwassenheid.

Want het is verleidelijker om te doen alsof de samenwerking nog prima loopt zolang niemand openlijk afhaakt. Maar veel samenwerkingen slijten niet stuk op open conflict. Ze slijten stuk op opgestapelde onduidelijkheid.

En die onduidelijkheid krijg je alleen kleiner door opnieuw te onderscheiden, te benoemen en te ontwarren.

Niet harder te trekken.
Wel scherper te kijken.

Tot slot

Samenwerking wordt niet sterker van mooie schema’s alleen.

Ze wordt sterker wanneer mensen en organisaties helder blijven zien wat er tussen hen gebeurt. Wanneer verschil niet te snel wordt gladgestreken. Wanneer knopen niet worden weggepoetst met beleefde taal. Wanneer de onderstroom mee op tafel mag komen voordat de samenwerking vanbinnen al vastzit.

Want er is een groot verschil tussen samen trekken en samen verstrikt raken.

Wie niet durft te kijken naar de knopen, heeft het recht niet om over samenwerking te spreken.

Verstrikking ontstaat niet alleen doordat samenwerking ingewikkeld is.
Soms ontstaat ze ook doordat niemand nog hardop zegt dat het allang niet meer over samenwerking gaat.

Want een proces kan er collegiaal en logisch uitzien, terwijl het in werkelijkheid al richting fusie beweegt.

Lees verder: Een fusie is geen samenwerking

Verder lezen over samenwerken en fusies
  • Veranderen
  • volgende artikel
  • Vachtkrachtartikel over spanning zichtbaar maken

Leg jij de Gele Bal op tafel?

Werk je samen in een context waar het formeel klopt, maar waar onder de oppervlakte toch iets blijft haken?

Dan helpt het niet altijd om nóg meer te organiseren.
Soms helpt het meer om te kijken waar de knopen zitten: in gedrag, taal, loyaliteit, tempo en alles wat intussen beleefd onbesproken blijft.

Wij helpen organisaties scherper zien wat er onder de samenwerking gebeurt.
Zodat je niet alleen blijft trekken, maar ook op tijd kunt ontwarren.

Eens doorpraten?
Neem gerust contact met ons op voor een eerste open gesprek.

Gele bal op tafel voor een lege stoel als uitnodiging voor een open gesprek met Essentiedenkers.